Spataderbehandelingen

Er zijn verschillende manieren om spataderen te behandelen:

Sclerocompressie therapie (het ‘dichtspuiten’ van spataders)
Bij sclero therapie wordt de spatader behandeld door een soort ‘lijm’ in de spatader te spuiten en de ader vervolgens dicht te drukken. Dit zorgt voor een lokale reactie, de spatader wordt afgesloten waarna het lichaam deze uiteindelijk zelf opruimt. In de praktijk komen vooral de kleine en middelgrote spataderen hiervoor in aanmerking. Na het inspuiten moet gedurende een bepaalde periode (meestal 1 tot 2 weken) een drukverband om het been worden gedragen. Dit wordt eventueel gecombineerd met een elastische kous. Sclerocompressie therapie wordt uitgevoerd door dermatologen en chirurgen. Voor de wat grotere aders wordt soms gebruik gemaakt van een schuimoplossing van deze vloeistof, we noemen deze behandeling dan de foamsclerotherapie.

Endoveneuze laser (EVLT)
Bij deze nieuwe en inmiddels gangbare methode worden de spataders behandeld door de stamader uit te schakelen door middel van inwendige verhitting, meestal een laser maar mogelijk ook radiofrequente golven. Ook kan de stamader worden uitgeschakeld door deze dicht te plakken. Deze ingrepen worden uitgevoerd via kleine steekgaatjes en vinden plaats onder plaatselijke verdoving. Door deze behandeling verdwijnen soms ook de kleinere spataderen die uitmonden in de grote spatader. Wanneer dit niet gebeurt kan eventueel alsnog sclerocompressietherapie worden uitgevoerd.

EVLT is een snelle, effectieve manier om van spataderen af te komen. Het geeft nauwelijks littekens en patiënten ervaren minimale pijn na de behandeling. Ook geeft deze procedure bijna direct verlichting van de klachten.

Strippen
Bij deze inmiddels verouderde operatie worden grote spataderen door de chirurg operatief verwijderd. Meestal gebeurt dit door op twee of meer punten in het verloop van de spatader het bloedvat bloot te leggen, er een draad doorheen te voeren en de spatader binnenstebuiten uit het been te halen. De behandeling wordt uitgevoerd onder algehele anaesthesie of door middel van een ‘ruggenprik’. Door deze behandeling verdwijnen soms ook kleinere spataderen die uitmonden in de grote spatader. Als dit niet gebeurt kan ook hier eventueel alsnog sclerocompressietherapie worden uitgevoerd. Na de behandeling is het noodzakelijk gedurende enkele weken een aangemeten elastische kous te dragen.

Ambulante flebectomie volgens Muller
Ambulante flebectomie is in feite dezelfde techniek als de techniek die bij het ‘strippen’ wordt gebruikt. Hij wordt alleen toegepast bij kleinere tot middelgrote spataderen die niet voor sclero-compessietherapie in aanmerking komen. De behandeling is vooral geschikt voor middelgrote spataderen bij de knie en op de voetrug. Een belangrijk voordeel is dat deze therapie onder lokale verdoving kan worden uitgevoerd. Ambulante flebectomie volgens Muller wordt vooral uitgevoerd door dermatologen. Hij wordt de laatste jaren in mindere mate in Nederland toegepast.

Oppervlakkige vaatlaser
Met de oppervlakkige vaatlaser kunnen zeer kleine vaatjes in de huid, zoals berkentakjes of blauwscheut worden verwijderd. De lichtbundel dringt door de huid heen waarbij de energie wordt afgegeven met name in de blauwe en rode bloedvaatjes. Het vat verschrompelt binnen enkele weken. De oppervlakkige laser is met name bedoeld ter aanvulling op de sclerotherapie.

Door naar de tarieven.